FAQ

Kant en Klaar Vers Vlees (KVV)

Wat is KVV?

KVV staat voor Kant en klaar Vers Vlees of Kompleet Vers Vlees. Het is een goed alternatief als je je hond “vers” wilt voeren, maar het niet zelf wilt samenstellen volgens het BARF principe. KVV is, zoals de naam het zegt, kompleet en bevat alles wat de hond nodig heeft. Er zijn veel merken op de markt, en de laatste jaren is dit exponentieel gegroeit! Verschillen tussen de merken kunnen zijn: – de verpakking (worsten, plakjes, bakjes) – de inhoud (bijvoorbeeld met of zonder rijst; met of zonder groenten) – de mate van vermaling (fijn, grof) – de prijs Met name de prijs is vaak bepalend voor mensen, en dat is begrijpelijk. Echter, let wel op WAT voor vlees er gebruikt wordt. Als het etiquette “dierlijke bijproducten” noemt, vraag jezelf dan af wat dit betekent!

Huh? Vers vlees in plaats van brokken geven??

vers vlees aan je viervoeter voeren?

De eerste keer dat je dit hoort, is dit misschien je reactie… HUH???! Maar als je erover nadenkt, honden horen (meerendeels) vers vlees te eten… toch? De brok zoals wij die kennen is nog ‘maar’ 30 jaar op de markt. Daarvoor aten honden vlees, botten, muizen en ‘met de pot mee’. Pas toen de grote fabrikanten (Eukenuba (Procter & Gamble); Pedigree (Mars); IAMs (Unilever) ) de brok op de markt bracht kwam hier verandering in. De brok werd gezien als handig, makkelijk in gebruik, maar ook een complete maaltijd met alle vitamines en mineralen die een hond nodig heeft. Toch bleven een aantal mensen vraagtekens bij ‘de brok’ houden. Een hond zou toch hoofdzakelijk vlees moeten eten? Wat zit er eigenlijk in ‘de brok’? Waarom worden er granen en bietenpulp toegevoegd? Waarom hebben honden tegenwoordig zoveel allergieën, overgewicht en andere aandoeningen? Wat is de invloed van alle smaak- en geurstoffen en conserveringsmiddelen met het lichaam van de hond? En zo ontstond er een stroming binnen de honden (en katten) voedingbranch die overtuigt was dat vers vlees (en botten) het hoofdbestanddeel zouden moeten zijn van de maaltijd van de hond. En zo ontstond “BARF“. Zie verder onder “BARF”. Nog steeds geven 90% van de mensen brokken aan hun hond of kat. Maar het geven van “vers” (BARF of KVV) begint terrein te winnen! Big Dog wil u stimuleren om ZELF uw keuze te maken! Onafhankelijk. Onder het motto “Weet Wat Je Geeft“, willen wij u bewust maken van de inhoud en de oorsprong van de voeding die u geeft aan de viervoeters! Stel jezelf eens de volgende vragen: – Heb je wel eens de ingrediëntenlabel op de brokken van je hond gelezen? Begrijp je deze? – Wat is het grootste bestanddeel van het eten van honden (en katten)? Groente, tarwe of vlees? – Weet je wat BHA (E320), BHT (E321) en Ethoxyquine (E324) is? – Wat is het percentage vlees van de brok? – Wat betekent “Vlees en Dierlijke Bijproducten”? – Waarom heeft mijn dier bietenpulp nodig? Google er maar op los! Het antwoord is er niet eenduidig. Jij en je viervoeter kunnen dit alleen bepalen! Succes! En? Weet jij wat je je dier geeft???

Wat is BARF?

BARF is een acroniem voor “Bones And Raw Food” of ook “Biologically Appropriate Raw Food”, waarvan onder andere de Australische dierenarts Ian Billinghurst een groot propagandist is. De term wordt gebruikt om het zelf samenstellen van verse rauwe voeding zoals botten, spiervlees en orgaanvlees in een bepaalde verhouding te omschrijven. Iemand die zelf het eten samenstelt voor zijn dier samenstelt wordt weleens een BARFer genoemd. Ik ”BARF” is ook een gebruikte uitdrukking.

Mijn hond heeft een voedselallergie, mag ik hem KVV geven?

Jazeker! De meeste merken KVV zijn duidelijk in welke ingrediënten gebruikt worden. Hierdoor kun je het diersoort of glute en tarwe makkelijk uit het dieet sluiten. Zie ook ‘Eliminatie dieet’

Waarom zou ik mijn hond KVV geven?

Dit is een logische maar lastige vraag. Er is weinig wetenschappelijk onderzoek naar voeding gedaan, en vaak spreken deze elkaar ook tegen, of de onderzoeken zijn gesponsord door bekende merken. Wist u dat een dierenarts ook maar enkele uren les krijgt in dierenvoeding? En toch luisteren mensen naar de dierenarts en kopen de brokken die worden voorgeschreven tegen vaak absurde prijzen. Big Dog heeft meer dan 5 jaar ervaring met KVV, en is er ook een voorstander van. Hieronder een aantal voordelen uit persoonlijke ervaring: – Je weet wat je geeft: de etiketten zijn duidelijk en begrijpbaar – Er worden geen geur,- kleur,- en smaakstoffen of conserveringsmiddelen toegevoegd – Hierdoor drinkt de hond veel minder water en – is het uitermate geschikt voor een eliminatie dieet – Perfect voor moeilijke eters! – Veel minder en compactere ontlasting- – Je kunt elke dag een andere smaak voeren (rund/kip/makreel/geit/lam (…)) Probeer het eens!

Hoe en Hoeveel KVV moet ik geven?

Volwassen honden 20-30 gram per KG streefgewicht per dag. Bijvoorbeeld: een hond weegt 40 kg, maar zou eigenlijk 35 kg moeten wegen. Volgens de richtlijn zou hij 700 gram per dag moeten krijgen (35 kg * 20 gram) Zogende honden, jonge honden, en pups 40-60 gram per KG. Volwassen katten 30-40 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag Kittens en zogende katten 60-80 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag LET WEL: dit zijn richtlijnen! Als je dier afvalt of juist aankomt, geef dan meer/minder Hoe moet ik het geven? – Ontdooi de worst – Doe de benodigde hoeveelheid (zie ‘Richtlijnen voor hoeveelheid KVV’) in de voerbak – Doe er water bij (dit is optioneel) – Beetje prakken, en eten maar!

Is KVV slecht voor de tanden omdat ze niet kauwen?

Je hoort vaak dat brokken goed zijn voor de tanden omdat ze er op moeten kauwen. De BARF stroming spreekt dit echter tegen: – Over het algemeen kauwt een hond niet uitgebreid op zijn brokken – Als hij dit wel doet, dan kunnen er stukjes brok tussen de tanden blijven zitten – Brokken bevatten tarwe/zetmeel en de enzymen in het speeksel van de hond kunnen dit niet afbreken. Sommige brokken bevatten ook ‘krijt’ als calciumbron – Het is dus JUIST de brok die de aanslag op de tanden veroorzaakt Maar natuurlijk wil je dat je hond soms iets te kauwen krijgt. Denk dan aan botten (zie “botten”) of een natuurlijke snack!

 

Brokken informatie

Geëxtrudeerde (krokante) brokken en geperste brok

Het verschil tussen Geëxtrudeerde (krokante) brokken en geperste brok is hoofdzakelijk de temperatuur tijdens het productieproces. Bij de geëxtrudeerde brok, worden hogere temperaturen gebruikt (>100°C) waardoor de brok als het ware ”krokant” wordt. Bij de geperste brok worden lagere temperaturen gebruikt (75 °C) waardoor de ingrediënten dus tegen minder hoge temperaturen worden blootgesteld. Net zoals bij humane voeding, kan het zijn dat ingrediënten negatief beïnvloed worden door hoge temperaturen. Een voorbeeld is brood: hoewel de ingrediënten van binnen én buiten hetzelfde zijn, smaakt de korst van het brood anders omdat het onderhevig is geweest aan hogere temperaturen. Een ander verschil is dat krokante brokken minder makkelijk uiteen vallen in de maag en als het waren opzwellen door de maagsappen. Er wordt gezegd dat deze dus minder makkelijk verteerbaar zijn, en de kans op een maagtorsie kunnen verhogen. N.B. Er is geen eenduidig wetenschappelijk onderzoek naar dit gedaan en/of te vinden op het internet!

Mag ik KVV mengen met brokken?

Er is op het internet geen wetenschappelijk onderbouwd onderzoek te vinden die dit tegenspreekt. Wel zijn er talloze ‘meningen’ hierover. Met name het feit dat het twee verschillende soorten voer zijn en de manier waarop deze worden afgebroken in de maag, is men geneigd te zeggen om de twee niet te mengen. Een andere optie is om een aantal dagen KVV te geven en een aantal dagen brokken.

 

Botten

Mag ik een hond botten geven?

Ja! Rauwe botten zijn juist goed voor de hond! Het is goed voor zijn kaken, tanden en hij heeft plezier in het kauwen!

Mijn hond heeft witte (korrelige) ontlasting

Na het eten van botten kan het zijn dat de ontlasting wit en korrelig is. Dit is normaal en komt door het hogere calciumgehalte. Echter, let wel op dat je niet teveel botten geeft, dan kan de hond geconstipeerd raken Botten mogen en zijn goed, maar wel met mate!

Waar moet ik op letten met het geven van botten?

Als uw hond geen botten gewend is, begin dan met botten die zacht zijn en zo groot dat hij ze niet in een keer in kan slikken. Voor kleine honden zijn kippennekken erg geschikt, voor grotere honden kipkarkassen of andere gevogeltekarkassen. Weet u zeker dat uw hond rustig gaat liggen kauwen op een bot dan kunt u grotere botten gaan geven: geiten- of lamsribben of -nekken, haas-, konijn-, eendenkarkassen of hele kippen, eenden, fazanten, duiven etc. Geef geen: – Varkensvlees botten – Dragende botten (poten van schapen, koeien etc.). Deze zijn te hard en de tanden kunnen afbreken of slijten – Dit geldt ook voor mergpijpen! Bovendien kan de mergpijp om de bek klem komen te zitten! – Gekookte (of gebakken) botten. Deze kunnen splinteren

 

Eliminatie Dieet

Wat is een voedselallergie?

Een voedselallergie ontstaat vaak omdat een hond of kat overgevoelig is voor een bepaald bestanddeel in de voeding, meestal voor een bepaald type eiwit. Symptomen van een voedselallergie kunnen zijn: – Huidklachten, zoals jeuk, kale plekken, overdreven schilferen, zwellingen – Ontstekingen, zoals oorontsteking – Problemen in maagdarmkanaal, zoals buikpijn, overgeven en diarree Hoewel het vaak niet levensbedreigend is, kan het zorgen voor veel ongemak voor het dier. Er is niet veel bekend hoe een voedselallergie ontstaat, maar het lijkt erop dat er bij een allergie hoge hoeveelheden eiwitten vanuit de darmen in de bloedstroom komen, waardoor het lichaam antistoffen gaat afgeven. De reactie kan binnen enkele minuten of enkele dagen optreden. Deze overgevoeligheidsreacties kunnen binnen enkele minuten optreden, maar ook pas na enkele uren of dagen. Het hoeft overigens niet een nieuw ingrediënt te zijn! Het dier kan ook allergisch worden voor een bepaald bestanddeel van het voer wat hij al jaren eet.

Wat is een eliminatie dieet?

Als je vermoed dat je dier een voedsel allergie of intolerantie heeft, dan zal je dierenarts je aanraden om een ‘eliminatie dieet’ te volgen. Veel honden/katten zijn allergisch voor kip, rund, gluten en tarwe. Dus wordt dit als eerste vermeden. Geef het dier voer zonder deze ingrediënten en probeer bovendien een diersoort te voeren die ze nog nooit hebben gegeten. Bijvoorbeeld geit, kangoeroe of struisvogel. Meestal wordt dit gedurende 6 weken gevolgd. Daarna, als de allergie niet meer aanwezig is, kun je voorzichtig andere diersoorten gaan voeren zodat je weet welke diersoorten de allergie niet opwekken. Let op! geef je dier dus ook geen snacks die uit andere diersoorten/ingrediënten bestaan!

 

Snacks & Veiligheid

Snacks en gedrag

Snacks en Gedrag Naast de onder 'veiligheid van snacks' gedragingen over schrokken, kunnen honden soms bezitterig zijn van snacks (of speeltjes) en dit kan tot bijtincidenten leiden.
  • Let op met kinderen!! Hoe lief je hond ook is voor je kind, een speeltje of snack (of voerbak) afpakken is een heel ander verhaal. Leer je kinderen om niet het voer af te pakken!
  • Train je hond om het voorwerp af te geven. Bijvoorbeeld door het te ruilen met een klein hap-slik-weg voertje. (Indien je hier vragen over hebt, schakel een 'expert' in om je te helpen)
  • Vaak willen honden juist op je mooiste tapijt liggen met hun snack. Je kunt je hond makkelijk aanleren om zijn snack alleen op een bepaalde plek te eten (bijv. op een apart dekentje)

Snacks en Veiligheid

Snacks kunnen gebruikt worden voor verschillende doeleinden, bijvoorbeeld het trainen, een tussendoortje of het voorzien van de langere kauwbehoefte. Maar niet alle snacks zijn veilig, ook al wordt dit niet in alle winkels aan u verteld! Welke snacks wel of niet veilig zijn, ligt ook aan het type hond. Hieronder een lijst van vragen die je jezelf kunt stellen en enkele tips van onze kant:
  • Heeft je hond een allergie? Vermijd dan snacks waar hij allergisch voor is. Indien je hond een eliminatie dieet volgt, kies dan snacks van hetzelfde diersoort.
  • Heb je een brachycephale hond (een korte snuit)? Deze honden kunnen nog wel eens het laatste stuk in zijn geheel inslikken wat tot verstikking kan leiden. Let dus op dat de snacks niet glad en slijmerig worden en dat ze of juist zo klein zijn dat ze doorgeslikt kunnen worden, of dat ze juist zo groot zijn, dat ze te groot zijn om door te slikken (bijvoorbeeld een runderknokkel). Haal de snack ook tijdig weg. Bovendien kun je je hond ook aanleren om rustig te eten.
  • Eet hij rustig of juist wild. Let op dat honden die schrokken ook het laatste stuk in kunnen slikken. Zie hierboven.
  • Eet je hond de snacks helemaal op, of laat hij de rest liggen als hij er klaar mee is? Botten (rauw of gedroogd) maken de ontlasting harder. Dit betekent dat als je je hond een bot geeft die hij kan opeten/schrapen en hij stopt niet tijdig, de ontlasting tot verstopping kan leiden. Haal de snack tijdig weg, en laat hem er niet alleen mee.

Vaccinatie en Titerbepaling

Wel of niet vaccineren?

Vaccinaties en titerbepaling zijn veel gestelde vragen bij Big Dog Company. Wij werken samen met Holistisch dierenarts Karin van der Weijde. Hieronder een korte samenvatting. Bron: Holistisch dierenarts Karin van der Weijde: Vaccinaties Honden worden standaard om de 1-3 jaar gevaccineerd door middel van een cocktail tegen ‘leverziekte’, ‘Parvo’ en ‘Hondenziekte’. Daarnaast worden dieren jaarlijks gevaccineerd tegen de ‘ziekte van Weil’ en ‘kennelhoest’. Indien de hond naar het buitenland wordt vervoerd, dan is ook de vaccinatie tegen ‘Rabiës’ noodzakelijk. De laatste jaren is er veel onderzoek gedaan naar de duur van de beschermingvan de ‘coctail vaccinatie’. Gebleken is dat de enting meerdere jaren bescherming kan geven, soms wel tot 7 jaar. Daarnaast, net zoals bij mensen, zijn de schadelijke effecten van (klakkeloos) vaccineren in opspraak. Maar er is een alternatief! Titerbepaling- een alternatief voor standaard vaccineren Door middel van een titertest kan worden bepaald of je hond genoeg anti-stoffen heeft tegen Hondenziekte, Parvo en Leverziekte waardoor je eventueel kunt beslissen om de cocktail enting uit te stellen. Dit wordt gedaan door een simpele bloedtest en is een jaar, tot wel 3 jaar geldig. De uitslag wordt in het paspoort genoteerd door de dierenarts De titerbepaling is een goed alternatief voor honden die gevoelig reageren op de entingen honden die medische indicaties hebben zoals chronische huidziekten, epilepsie e.d. maar ook gezonde honden. Indien uit de titertest blijkt dat je hond bijvoorbeeld 3 jaar beschermd is, dan hoeft de titertest pas na 3 jaar opnieuw te worden gedaan. Dit betekent een aanzienlijke kostenbesparing t.o.v. de entingen. Een nadeel van de titerbepaling is dat (nog) niet alle pensions en/of hondenuitlaatservices. Maar gelukkig is dit aan het veranderen en zal het niet lang meer duren dat titeren wel geaccepteerd zal worden. En de andere vaccinaties dan? We geven het woord aan Karin van der Weijde (Holistisch dierenarts): Ziekte van Weil Welke risico’s zijn er dat de hond de ziekte van Weil oploopt? Verreweg het meeste risico lopen de honden die zwemmen in of drinken uit stilstaand water. Met name op plekken waar ratten en muizen zijn die de Leptospiren die ziekte van Weil veroorzaken met de urine kunnen uitscheiden. Honden kunnen ook drager zijn van ziekte van Weil. Dit betekent dat ze zelf niet ziek zijn maar wel Leptospiren in de urine kunnen verspreiden. Wat we ook in gedachten moeten houden is dat ziekte van Weil besmettelijk is voor mensen.   Voor de ziekte van Weil kunnen we (nog) geen titertest doen. Die is er niet. Voor zover we nu weten duurt de bescherming die de vaccinatie biedt ook niet veel langer dan een jaar. Deze vaccinatie zou dus in principe elk jaar gegeven moeten worden.   De huidige vaccins tegen ziekte ven Weil vormen een flinke belasting voor het immuunsysteem. Er worden nog weleens klachten gezien kort of langer na de vaccinatie. Er zijn mensen die daarom van vaccinatie afzien. Nadeel hiervan is uiteraard dat de hond niet beschermd is tegen deze ziekte die ernstig kan verlopen. U kunt het lichaam helpen om de nadelige effecten te boven te komen door te ‘ontstoren’ (zie hieronder).   Ik ent bij voorkeur in het voorjaar tegen Weil omdat het risico het grootst is in de zomer gezien het verband met water.   Rabiës En de rabiës? Vaccineren tegen rabiës is verplicht als de hond meegaat naar het buitenland. Gelukkig zijn er tegenwoordig vaccinaties die voor 3 jaar geregistreerd zijn zodat niet meer elk jaar geënt hoeft te worden. Ook de rabiës is best ingrijpend voor het immuunsysteem. Ik combineer dus ook altijd met middelen om te ontstoren zoals bij de ziekte van Weil.   Het ontstoren van de vaccins ‘Ziekte van Weil’ en ‘Rabiës’ Door middel van ‘ontstoren’ wordt het immuunsysteem geholpen om de nadelige effecten van een vaccinatie weer te boven te komen en de afvalstoffen die de vaccinatie in het lichaam veroorzaakt af te voeren. Ik help het lichaam dus eigenlijk om de vaccinatie te verwerken. Als dit niet goed gebeurt kan elke vaccinatie op korte of lange termijn gezondheidsklachten gaan veroorzaken.   Hoe pak ik dat nu aan in mijn praktijk? Allereerst meet ik of het er op lijkt dat het immuunsysteem van de hond de vaccinatie aan kan. Als dit zo is kunnen we de vaccinatie doen. Als het immuunsysteem niet heel sterk is komt het wel eens voor dat ik afraad om de hond tegen ziekte van Weil te vaccineren. De vaccinatie vormt dan een groter risico dan het risico op het oplopen van de ziekte.   Als we besluiten om te gaan vaccineren neem ik direct maatregelen om de vaccinatie weer te ‘ontstoren’. Dit ontstoren doe ik soms d.m.v acupunctuur maar in ieder geval door het geven van minimaal 2 middelen om het immuunsysteem te herstellen en te ontgiften.   Kennelhoest En de kennelhoest? Soms stellen pensions de kennelhoestenting verplicht. Ook tijdens tentoonstellingen of wedstrijden is dat vaak zo. Als er tegen kennelhoest geënt wordt zou ik voor de neusenting kiezen want die is het minst belastend voor het immuunsysteem. Kennelhoest geeft een vervelende hoest en de hond kan er wat ziek van zijn maar een hond met een redelijk immuunsysteem komt de kennelhoest ook weer te boven. Rust, zacht voedsel en eventueel een milde hoestdrank is dan heel goed. De reguliere dierenarts schrijft antibiotica voor. In mijn praktijk behandel ik met acupunctuur en kruiden/homeopatische middelen. Een hond herstelt dan zelf van de ziekte. Daarom ent ik over het algemeen niet tegen kennelhoest.   Ik hoop dat het bovenstaande u helpt bij uw overwegingen betreffende de vaccinaties van uw hond.